Dijks Leijssen Advocaten wint Euribor-hypotheken-zaak: ABN AMRO Bank moet teveel betaalde hypotheekrente terugbetalen

12 november 2015

Dijks Leijssen Advocaten wint Euribor-hypotheken-zaak: ABN AMRO Bank moet teveel betaalde hypotheekrente terugbetalen

Bij vonnis van woensdag 11 november 2015 heeft de rechtbank Amsterdam een belangrijke uitspraak gedaan in de Euribor-hypotheken-zaak.

In de door ons kantoor door mr. Rob Leijssen en mr. Hans Hoeksma namens de Stichting Stop de Banken tegen de ABN AMRO Bank aanhangig gemaakte procedure heeft de rechtbank te Amsterdam beslist dat de in de algemene voorwaarden van de bank opgenomen opslagwijzigingsbedingen vernietigd worden en dus ongeldig zijn en dat de leningnemers, die een Euribor hypotheek hadden gesloten, de bedragen overeenstemmend met de verhogingen van de opslag kunnen terugvorderen.

De zogenaamde Euribor-leningen bestonden in beginsel uit twee onderdelen. De leningnemers betaalden de Euribor rente (dat is het rentetarief dat banken onderling elkaar in rekening brengen) en een opslaggedeelte. Deze opslag bedroeg (in de regel) 0,5 tot 0,7% per jaar.

In een korte periode vanaf 2009 heeft de ABN AMRO Bank dit opslagpercentage een aantal keren fors verhoogd, zodat de lening voor leningnemers aanzienlijk duurder werd.

In de algemene voorwaarden stond weliswaar dat de bank het opslagpercentage mocht wijzigen, maar op basis van welke feiten en omstandigheden deze wijziging mocht plaats vinden stond niet in het leningscontract en ook niet in de algemene voorwaarden.

Voor wat betreft algemene voorwaarden in consumentenovereenkomsten bestaat een zogenaamde Europese richtlijn. In deze richtlijn is opgenomen dat een beding in een overeenkomst, waarover niet afzonderlijk is onderhandeld, als oneerlijk wordt beschouwd indien het in strijd met de goede trouw is en als het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoord is.

Bij deze Europese richtlijn is ook een lijst gevoegd met bedingen die als oneerlijk kunnen worden aangemerkt.

In rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie zijn de laatste jaren een aantal maatgevende uitspraken gedaan over deze oneerlijke bedingen, welke uitspraken ook doorwerken in het Nederlandse recht.

Uitgangspunt in deze uitspraken is onder meer dat de consument voorafgaande aan het sluiten van een overeenkomst daadwerkelijk de gelegenheid moet hebben kennis te nemen van alle bedingen van de overeenkomst, omdat het voor een consument van wezenlijk belang is dat hij voor de sluiting van de overeenkomst kennis neemt van alle contractvoorwaarden en dat hij zich van de gevolgen van sluiting van die overeenkomst bewust is. Op basis van de aldus verkregen informatie zal hij namelijk beslissen of hij gebonden wenst te zijn door voorwaarden, die de verkoper tevoren heeft vastgesteld.

Voor de duidelijkheid moet worden benadrukt dat het bij algemene voorwaarden/oneerlijke bedingen steeds gaat om bedingen in een overeenkomst die eenzijdig door één partij zijn opgesteld en op de inhoud waarvan de wederpartij geen invloed had.

De consument moet dus voorafgaande aan het sluiten van de overeenkomst voldoende informatie hebben verkregen om te beslissen of hij het contract wil sluiten.

Bedingen in de algemene voorwaarden moeten duidelijk en transparant zijn, waarbij het niet alleen gaat om het vereiste dat een beding grammaticaal duidelijk is, maar ook dat het de consument in staat stelt de economische gevolgen, die daar voor hem uit voortvloeien, te voorzien.

De bank, ABN AMRO, had onvoldoende informatie gegeven over de werking van het beding en in het bijzonder op grond van welke criteria (feiten en omstandigheden) en welk mechanisme de opslag kon worden gewijzigd.

Aldus was er sprake van onvoldoende transparantie; informatie over de werking van het mechanisme van de wijziging ontbrak.

Op deze basis heeft de rechtbank de opslagwijzigingsbedingen, zoals gehanteerd door de ABN AMRO, vernietigd.

Naar Nederlands recht waren deze bedingen onredelijk bezwarend. De beslissing was echter hoofdzakelijk ingegeven door rechtspraak van het Europese Hof van Justitie.

Omdat het opslagwijzigingsbeding werd vernietigd, kunnen degenen die op basis van dit beding de verhoogde rente hebben betaald deze bedragen terugvorderen. Deze bedragen zijn onverschuldigd betaald. Naar onze voorlopige inschatting gaat het om in totaal een bedrag van tussen de 50 en 80 miljoen Euro.

Overigens werkt de uitspraak niet rechtstreeks. Elke individuele leningnemer (dat zijn er in totaal 6.316) zal zelf tot terugvordering van het teveel betaalde moeten overgaan. Dijks Leijssen Advocaten & Rechtsanwälte staat deze individuele leningnemers graag bij, als de ABN AMRO niet vrijwillig wil terugbetalen.
De ABN AMRO Bank kan tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam tot 11 februari 2016 in hoger beroep komen. Of dat gebeurt is uiteraard niet te zeggen.

Het vonnis is gewezen tussen de Stichting, die consumentenbelangen behartigt, en de bank, maar bevat ook elementen die toepasselijk zijn in de verhouding tussen bedrijven en de bank voor wat betreft Euribor-producten. Te denken valt aan de noodzakelijke transparantie, begrijpelijkheid van de bedingen en het verschaffen van duidelijkheid omtrent de werking van het beding.

Bent u ook gedupeerd door één van de banken? Neemt u dan dadelijk contact met ons op

Lees meer op fd.nl en  nos.nl.