Nachtwacht niet inschrijven als merk

24 september 2017

Geen gerechtvaardigd belang bij de procedure

Als individuele merken worden beschouwd de benamingen, tekeningen, afdrukken, stempels, letters, cijfers, vormen of waren van verpakking en alle andere voor grafische voorstelling vatbare tekens, die die de waren of diensten van een onderneming te onderscheiden.

Aldus de wet over tekens die als Benelux merk kunnen gelden.

Om recht te krijgen op een merk en dit te handhaven behoort het merk te worden ingeschreven in het merkenregister.

Het merkenbureau kan onder meer weigeren een merk in te schrijven indien naar het oordeel van het bureau geen merk kan vormen overeenkomstig de wet en onder meer indien het merk elk onderscheidend vermogen mist.

In gedachten moet worden gehouden dat het merk dient om waren of diensten van een onderneming te onderscheiden.

In ons burgerlijk wetboek is de regel opgenomen “zonder voldoende belang komt niemand een rechtsvordering toe.

Degene die bij een gerecht een vordering instelt moet daarbij in de regel een eigen materieel belang hebben waarvoor hij opkomt. Een zuiver emotioneel belang kan hoe zwaarwegend ook in de regel niet worden aangemerkt als voldoende belang.

Op 9 november 2015 zijn namens een producent die chemische producten op de markt bracht het een Beneluxdepot verricht van een beeldmerk. Dit beeldmerk betrof een afbeelding van de volledige nachtwacht van Rembrandt van Rijn. Het bureau heeft de inschrijving van dit beeldmerk geweigerd.

Daarbij heeft het bureau geoordeeld dat de Nachtwacht niet als onderscheidingsteken en dus als merk kan worden opgevat, omdat de Nachtwacht een van de beroemdste schilderijen ter wereld is en door het publiek niet als onderscheidingsteken zal worden gezien. Het bureau heeft daaraan toegevoegd dat het depot van het teken ook destijds met de openbare orde.

Tegen de beslissing van het bureau is de deposant opgekomen met het een verzoek aan het gerechtshof te Den Haag. Het gerechtshof werd verzocht het bureau te bevelen het depot van het afgebeelde beeldmerk in te schrijven.

Het gerechtshof overwoog eerst dat degene die het merk wilde deponeren, de deposant geen gerechtvaardigd belang heeft bij haar verzoek. Bij de vraag of een procespartij voldoende belang heeft moeten niet alleen de belangen van de betrokken partijen tegen elkaar worden afgewogen, maar ook de eisen van de behoorlijke procesvoering en het belang van de rechtspleging, aldus het gerechtshof.

Het depot van de Nachtwacht als beeldmerk had aanvankelijk de oneigenlijke bedoeling om een foto van een Nachtwacht op canvas toegezonden te krijgen. Het bureau had aan merkregistranten toegezegd een foto van het te deponeren merk op canvas toe te zenden.

Even later bleek dat een groot aantal bedrijven aangaf geïnteresseerd te zijn in het antwoord op de vraag of zij een kunstwerk als merk zouden kunnen claimen en dus als merk kunnen inschrijven.

Het hof overwoog dat het merkdepot aanvankelijke grap was, maar in een later stadium was er een procedure begonnen omdat potentiële klanten van degene die beroep instelde wilde weten of een dergelijk keuze merkinschrijving mogelijk was.

Het hof oordeelde dat de aangevoerde reden voor het ingestelde beroep, te weten de interesse van potentiële klanten en de omstandigheid dat beantwoording van onderhavige gevraagd voor de registratiepraktijk van belang zou kunnen zijn geen gerechtvaardigd belang is in de zin van artikel 3: 303 BW.

Desalniettemin heeft het hof in overweging ten overvloede een oordeel gegeven over een eventuele  inschrijving als individueel merk van de Nachtwacht als beeldmerk.

Het hof oordeelde dat er in deze casus geen sprake is van onderscheidend vermogen van de Nachtwacht in de zin van de Benelux merkenwetgeving.

Het hof wees er ook op dat de mogelijkheid om een merk in de schrijven kan worden beperkt om reden van openbaar belang.

Immers bij de beoordeling van het onderscheidend vermogen van diverse tekens zoals beschrijvende tekens en kleuren moet eveneens rekening worden gehouden met het algemene belang dat de beschikbaarheid daarvan niet ongerechtvaardigd wordt beperkt voor andere marktdeelnemers en bij het algemeen belang bij het vrijhouden van bepaalde tekens.

De wezenlijke functie van het merk is daarin gelegen dat het aan de consument of eindgebruiker de identiteit van de oorsprong van de gemeente wordt gewaarborgd. In dier voege dat hij deze waar zonder gevaar voor verwarring kan onderscheiden van waren van andere herkomst en dus dat de merken betrokken waren moet identificeren als afkomstig van een bepaalde onderneming in welk verband rekening moet worden gehouden met het normale gebruik van merken als herkomstaanduiding in de betrokken sectoren.

Het hof kwam nogmaals tot de slotsom dat de Nachtwacht niet als beeldmerk kan worden ingeschreven omdat het hier ging om een van de beroemdste schilderij ter wereld en het publiek dit niet zou opvatte als merk ter onderscheiding naar herkomst van desbetreffende waar, maar louter als versiering.

Slotsom is dus dat een dergelijk beeldmerk niet kan worden ingeschreven.