Pas op: geen hoger beroep bij eKantonrechter

5 januari 2014
Joost Wery
Advocaat

Pas op: geen hoger beroep bij eKantonrechter

Sinds enige tijd is het mogelijk vanuit het hele land bij de rechtbanken Oost-Brabant en Rotterdam een civiele kantongerechtsprocedure digitaal te voeren. Voordelen: het gemak van een digitale procedure en de snelheid van de rechtsgang. Stukken kunnen digitaal worden ingediend. De partijen kunnen het verloop van de procedure online volgen. De mondelinge behandeling van de zaak blijft gehandhaafd. Binnen acht weken na indiening van het verzoekschrift is er een uitspraak.

Alleen eenvoudige zaken lenen zich voor de eKantonrechter. Ingewikkeldere niet, omdat dan vaak getuigen moeten worden gehoord of uitvoerig onderzoek moet worden gedaan naar de feiten. Dat is in het kader van de eKantonrechterprocedure niet mogelijk. De rechter beslist of een geschil zich voor de eKantonrechter leent. Beide partijen (dus zowel verzoeker als verweerder) moeten instemmen met een digitale afhandeling door de eKantonrechter.

Hoger beroep in deze procedure is niet mogelijk. Dat kan in uw voordeel zijn, maar natuurlijk ook in uw nadeel! Stel dat wat te lichtvaardig over de zaak is gedacht. Die was toch helder? Vervolgens blijkt het verweer toch wat meer hout te snijden dan verwacht. Er blijkt toch getuigenbewijs noodzakelijk om uw vordering te staven. U gaat nat. De rechter velt een negatief vonnis. Er is dan geen mogelijkheid meer dit in hoger beroep recht te zetten. Denk hier dus goed over na voordat u instemt met digitale afhandeling. Kiest u voor digitale afhandeling, zorg dan dat de zaak voldoende is ‘dichtgetimmerd’. Voor eenvoudige zaken met een belang onder € 1.750,00 kunt u gerust voor de eKantonrechter kiezen. Hoger beroep is in dergelijke zaken hoe dan ook niet mogelijk.

Het verdient sterk de aanbeveling om hoger beroep open te stellen. Dat zou een efficiënte besteding zijn van de voor de rechtspraak beschikbare financiële middelen, omdat dan met een gerust hart – en daarom vaker – voor de (goedkopere) digitale procedure kan worden gekozen. Ten eerste vanwege de uitvoerbaarheid bij voorraad van het vonnis in eerste aanleg (over het algemeen wordt bepaald dat aan het eerste vonnis voldaan moet worden, ook als hoger beroep wordt ingesteld) en ten tweede vanwege de met een procedure in hoger beroep gepaard gaande proceskosten, zal maar in een beperkt aantal gevallen van de mogelijkheid van hoger beroep gebruik worden gemaakt.

Al met al is de digitale procedure in haar huidige vorm naar mijn mening een vreemde combinatie van nuttig en onaangenaam.