Dijks Leijssen wint ook in hoger beroep Euribor-rechtszaak bij het gerechtshof te Amsterdam

19 december 2017

arrest Stop de Banken / ABN AMRO

Op dinsdag 19 december 2017 is uitspraak gedaan door het gerechtshof in de zogenaamde Euribor-rechtszaak, door ondergetekende en Hans Hoeksma aangespannen namens de Stichting Stop de Banken tegen ABN AMRO Bank.

Op 11 november 2015 had de rechtbank te Amsterdam de Stichting Stop de Banken en de Stichting Euribar, die eveneens in deze procedure de ABN AMRO Bank had aangesproken, in het gelijk gesteld.

Euribor

Euribor is een lening waarbij Euriborrente is overeengekomen, dit is de rente die banken elkaar in rekening brengen en die maandelijks kan worden gewijzigd. De Euriborrente is een bijzonder lage rente, maar kan ook wel omhoogschieten. Gemiddeld is deze rente lager dan andere rentes. Reden waarom veel leningnemers daarvoor gekozen hebben. Voor deze Euriborlening moet maandelijks Euriborrente worden betaalt en nog een andere component een zogenaamde opslag. De documentatie die de bank bij het sluiten van de leningsovereenkomst uitgaf over deze opslag was in alle gevallen volstrekt onduidelijk. In een aantal gevallen (de bank verkocht diverse Euriborleningsproducten) was aangegeven dat de opslag kon worden verhoogd indien het risico voor de bank hoger zou worden, omdat de waarde van het onderpand afnam ten opzichte van de hoogte van de lening. In de meeste gevallen was echter niets over de opslag vermeld. In de voorwaarden stonden onduidelijke vermeldingen zoals “de bank kan de opslag wijzigingen” en in andere gevallen “de bank kan de opslag wijzigen indien financiële ontwikkelingen daartoe aanleiding geven”. Een volstrekt onduidelijke en ondoorzichtige verklaring, omdat niet duidelijk is hoe en op basis van welke criteria de opslag kan worden gewijzigd.

Algemene voorwaarden

Het beding waarbij de bank zich het recht voorbehield de opslag te wijzigen is een algemene voorwaarde. Onredelijke en oneerlijke algemene voorwaarden kunnen door de rechter worden vernietigd. De Nederlandse algemenevoorwaardenregeling moet op basis van het Europese recht, te weten de richtlijn oneerlijke bedingen, worden uitgelegd en toegepast.

De richtlijn bepaald dat een beding in een overeenkomst waarover niet afzonderlijk is onderhandeld als oneerlijk moet worden beschouwd indien het in strijd met de goede trouw het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van partijen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoord. Bij beoordeling van de vraag of een beding oneerlijk is moet alle omstandigheden bij de sluiting van de overeenkomst en alle andere bedingen van de overeenkomst of een daarmee samenhangende overeenkomst in aanmerking worden genomen.

Een beding is oneerlijk indien degene die dit heeft opgesteld zichzelf meer rechten toekent dan bij een overeenkomst uit de wet voortvloeit en dit een nadeel is voor de wederpartij/consument. Met te goeder trouw wordt bedoeld dat moet worden beoordeeld of een consument, indien eerlijk was onderhandeld, een dergelijk beding had geaccepteerd.

Transparant

In de laatste jaren is op basis van de Europese wetgeving door het Europese hof een aantal keren benadrukt dat bedingen die niet transparant zijn / ondoorzichtig zijn op zich al oneerlijk zijn. Indien dergelijke bedingen onduidelijk zijn en nadelig zijn voor de consument behoort vernietiging van het beding door de rechter te volgen. De richtlijn drukt dit uit met de zinssnede dat dergelijke bedingen de consument niet kunnen binden.

Uitspraak gerechtshof

Het gerechtshof te Amsterdam heeft geoordeeld dat de opslagbedingen waarbij de ABN AMRO zich de bevoegdheid voorbehield de opslag op het Euribortarief eenzijdig te wijzigen ongeclausuleerd is en niet transparant. De leningnemers zijn bij het aangaan van de Euriborhypotheek niet geïnformeerd over de verschillende kostencomponenten, evenmin is aan hen duidelijk gemaakt onder welke omstandigheden en volgens welke mechanismen de opslag kan worden gewijzigd. Het is een volstrekt duister gebied, zodat daaruit voorkomt dat de bank op basis van onbekende redenen naar eigen believen de opslag kan verhogen en zo de kosten voor de consument aanmerkelijk hoger kan maken. Bovendien werd geoordeeld dat het beding nadelig was. Het beding verstoorde het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partij ten nadele van de consument, aldus het gerechtshof. Daarbij oordeelde het hof tevens dat indien over het beding was onderhandeld de consument dit beding niet zou hebben geaccepteerd.

Ten slotte kwam nog aan de orde de vraag of een aantal vorderingen van consumenten waarvoor de Stichting Stop de Banken procedeerde verjaard konden zijn. De bank had zich op dat standpunt gesteld en in verband daarmee naar voren gebracht dat een groot aantal vorderingen van leningnemers tot vernietiging van de bedingen zouden zijn verjaard, zodat de stichting geen belang zou hebben bij haar vordering. Het gerechtshof overweegt dat de verjaringstermijn om vernietiging van het beding te vorderen eerst begint op het moment dat de bank een duidelijk beroep heeft gedaan op het beding waarbij zij de opslag van de Euriborhypotheek mag verhogen. In veel gevallen was de opslag weliswaar een aantal keer verhoogd, maar zonder uitdrukkelijk beroep op een met name genoemd beding. Uit de uitspraak van het gerechtshof is op te maken dat het gerechtshof meent dat in veel gevallen van verjaring geen sprake zal zijn. Het zal echter per geval moet worden beoordeeld.

Ook de door de bank gegeven financiële onderbouwing voor wijziging van de opslag wordt door het gerechtshof verworpen. Zij acht de financiële onderbouwing door de bank onduidelijk en niet consistent. Ook andere verweren van de bank, onder meer inhoudende dat ondanks de opslag de rente nog zeer laag was en leningnemers zo konden overstappen naar een andere bank, werd verworpen.

Deze uitspraak geldt onmiddellijk. Daaruit vloeit voort, dat leningnemers nu al kunnen vorderen dat aan hen het teveel betaalde wordt terugbetaald.

Het is zoals ondergetekende tijdens het pleidooi in deze zaak naar voren bracht. Er zijn known unknows, derhalve bekende onbekende factoren en er zijn unknown unknows. Onbekende onbekende factoren. Van dit laatste was sprake bij het opslagwijzigingsbeding. Het was volslagen onbekend en onduidelijk dat de bank op basis van onduidelijke omstandigheden de opslag ging wijzigen en hoe deze wijziging werkte.

De vraag is nu of de bank vrijwillig de benadeelde consumenten zal compenseren of dat de leningnemers zich alsnog tot de rechter moeten wenden om hun recht te krijgen. De Stichting Stop de Banken zal haar leden adviseren op korte termijn al aanspraak te maken op het door elk individueel lid teveel betaalde. De stichting zal daarbij behulpzaam zijn. De uitspraak is gedaan in een zaak waarbij de stichting namens consumenten optrad. Uit wet en rechtspraak zijn echter wel aanwijzingen te vinden dat een aantal beginselen die in deze uitspraak ten grondslag liggen aan de ongeldigheid van dit opslagwijzigingsbeding ook zullen gelden voor kleine bedrijven die een soortgelijk financieel product hebben.

Rob Leijssen

 

 

Rob Leijssen, Hans Hoeksma en Lex Makkinje vieren het behaalde succes

foto van Dijks Leijssen Advocaten & Rechtsanwälte.